HET GELOOF VAN DE BLINDEN

Lukas 18:35-43

 

Levenslang veroordeeld tot de duisternis! Zo is het leven van de blinden.

Toen de blinde man in Jericho vernam dat Jezus voorbijging, riep hij zijn hoop uit: “Jezus, Zoon van David, ontferm U over mij!” De mensen die voor Jezus uitgingen “bestraften hem, opdat hij zou zwijgen”.

Maar de blinde man riep luider naar Jezus. En Jezus beval de mensen hem bij Hem te brengen en vroeg hem: “Wat wilt u dat Ik voor u doen zal?” En de blinde man antwoordde eenvoudig: “Heere, dat ik ziende mag worden!”

Jezus' vraag is niet zinloos. Hoewel het zich laat raden wat een blinde zich zou wensen, bracht Jezus alle mensen, die Hem iets vroegen, tot het punt waarop zij hun verlangen nader zouden specificeren en hun ziel zouden concentreren op wat zij van Jezus vroegen. Deze nadere specificatie was precies die geloofsfactor die Jezus nog verder aanwakkerde in diegenen die om Zijn hulp vroegen. Het bewijs hiervan zijn de eenvoudige woorden in Jezus’ antwoord: “Word ziende! Uw geloof heeft u behouden....” En onmiddellijk kon de blinde man zien, en volgde hij Jezus, God verheerlijkend.

De vraag is nu waarom we alleen zoveel getrouwer aan God zijn als ons iets slechts overkomt? Waarom bidden we alleen op zulke momenten vanuit het diepst van ons wezen? De blindheid van de blinden is zwaar, maar die andere blindheden, die ons aan de bodem van de zee van de onwetendheid vasthouden, zijn evenmin gemakkelijk. Maar wie van deze blinden van de rede breekt vrijwillig met zijn metgezellen, de mensen, om het “mysterie” bij zijn ware naam – God – te noemen, en om dan van Hem te vragen zijn rede te verlichten?

We zullen niet ziende zijn totdat we God vragen om te kunnen zien. We zijn de eenvoud van kinderen kwijtgeraakt, hoewel veel wijzen toegeven dat ze een grondiger inzicht van de dingen hebben verworven zodra ze meer als kinderen werden.

Maar als we ziende zijn, volgen we Jezus (mits we eerst naar Hem roepen en de hindernissen van mensen overwinnen). Wanneer ons eindelijk de ogen geopend worden, zullen we discipelen van het Licht worden.

 

Jezus ontstak de gedoofde lichten van de kennis opnieuw.

 

Fragmenten uit: Vader Arsenie Boca - "Levende Woorden", Charisma Uitgeverij, Deva, 2006, pp. 306-307.

  

Lukas 18:35-43

 

18:35 Het gebeurde nu toen Hij dicht bij Jericho kwam, dat een zekere blinde aan de weg zat te bedelen.

18:36 En toen hij de menigte voorbij hoorde gaan, vroeg hij wat er aan de hand was.

18:37 En zij vertelden hem dat Jezus de Nazarener voorbijging.

18:38 En hij riep en zei: Jezus, Zoon van David, ontferm U over mij!

18:39 En zij die vooraan liepen, bestraften hem, opdat hij zou zwijgen. Hij echter riep des te meer: Zoon van David, ontferm u over mij!

18:40 Jezus nu bleef staan en beval dat men hem naar Hem toe zou brengen en toen hij dichtbij gekomen was, vroeg Hij hem:

18:41 Wat wilt u dat Ik voor u doen zal? En hij zei: Heere, dat ik ziende mag worden.

18:42 En Jezus zei tegen hem: Word ziende. Uw geloof heeft u behouden.

18:43 En onmiddellijk werd hij ziende, en hij volgde Hem, terwijl hij God verheerlijkte. En al het volk gaf God de eer, toen het dat zag.

 

Leerwoord

Gastenboek

Laat een bericht achter in ons gastenboek!

gastenboek

Ga naar boven